Tong

AB22ACC4-A3C9-4BAA-91D6-E1EAC0763177

De herfstzon strooit kwistig met haar stralen en zet het terras van de Winkel van Sinkel aan de Oudegracht in Utrecht in lichterlaaie. Geen wonder dat het daar uitpuilt. Iedereen zit er luid en duidelijk gelukkig te wezen. Opzij ervan staat een stel van middelbare leeftijd, maar wel heel hip. Althans, ze doen hun best. Hij met een leren jack en een sliertig sjaaltje. Een kettinkje bungelt om de hals, zijn shirt heeft net twee knoopjes teveel open. Zij gaat echt veel beter gekleed. Het is vrijdagmiddag, de herfst heeft de zomer in de bol, het weekend is aangebroken en hij heeft er zin in. En ook in haar. Hij hangt tegen haar aan, over haar heen, je kunt bijna ruiken wat ie wil.

Zij heeft haar lippen kersenrood gestift, want weekend, en een strakke gebreide broek aan, die haar buik, billen en benen nauw omsluiten. Daaronder draagt ze halfhoge laarsjes. Ze houdt zich ferm staande tegen zijn zinnelijk geweld, zo openlijk getoond, nog wel op straat. Telkens als hij haar kussen wil, vol op de mond, steekt ze haar tong uit. Hij maakt geen schijn van kans. Met moeite houdt hij zijn gemak, anders verspeelt hij zijn kaarten voor vanavond, dat zou toch zonde zijn. Bij zijn vierde poging, ik zag ze allemaal, ziet ze dat ik het zie. Ze glimlacht. Ze geniet van dit moment, hij is als was in haar handen. Hij heeft niks door, verblind door haar en door lust.

Dan wordt ze zijn gelebber zat en sleurt hem mee richting een wijnbar. Slempen zullen ze, verdoven zal ze hem. Misschien raakt hij wel zo aangeschoten dat hij niks voor elkaar krijgt. Die avond tenminste. Morgen zien we wel verder.

Advertenties

About this entry