De Pest – Albert Camus

IMG_2556

Als je de leef- en denkwereld van tijdgenoten wilt leren kennen, moet je moderne literatuur lezen of hedendaagse films bekijken. Nu heb ik recent ‘De Pest’ van Albert Camus gelezen. Oef, denkt u, dat is niet echt een tijdgenoot, toch? Klopt, Camus is al uit de tijd en het boek verscheen in 1947. Maar de herlezing, 30 jaar na de eerste keer, gaf me wel aanleiding om een nieuwe aflevering in de reeks te schrijven.

Ik was benieuwd wat ik me nog van het boek herinnerde en of ik het nu anders zou lezen als toen, toen ik jong-volwassene was. Ik kan u zeggen: het maakt verschil. Ik let nu veel meer op de gelaagdheid van de roman, en wat de schrijver aan technieken gebruikt om de lezer iets duidelijk te maken. Ik heb over sommige gedeelten een meer uitgesproken mening, over andere juist weer niet.

Korte inhoud
In Oran, een Algerijnse stad, breekt de pest uit. De stad wordt daarom van de buitenwereld afgesloten. De inwoners en bezoekers van de stad zijn op zich zelf aangewezen en lopen grote kans om geïnfecteerd te raken en te bezwijken aan de ziekte, want er is niet direct een vaccin voorhanden. Camus beschrijft de lotgevallen van de bevolking en van enkele hoofdpersonen. Opvallend is dat hij de ziekte verpersoonlijkt, maar toch geen gezicht geeft. Er zijn twee momenten waarop de ziekte door hem in alle afschuwelijkheid beschreven wordt. In die gevallen legt de schrijver een link tussen wat mensen overkomt en het geloof. Door de personages te volgen in hun reacties, hun gesprekken en gedachten ventileert de schrijver hoe hij zelf over het leven denkt.

Camus
Camus was schrijver en filosoof. Hij wordt vaak in een adem genoemd met Paul Sartre, al is er verschil tussen beiden. ‘Camus wordt over het algemeen gezien als de grondlegger van het absurdisme, een filosofie die gerelateerd is aan het existentialisme. Volgens het absurdisme zijn mensen fundamenteel irrationeel en is het menselijk lijden het resultaat van vergeefse pogingen door individuen om rede of betekenis in een redeloos en zwijgend universum te vinden.’ Camus weigert zich existentialist te laten noemen. In de roman legt hij dokter Rieux, de hoofdpersoon, de woorden in de mond: ‘De mens is geen idee!’ De zin klinkt in een discussie over de bereidheid van een mens om te sterven voor een geliefde. De journalist Rambert zegt dan dat een mens wordt gereduceerd tot een idee op het moment dat hij niet meer in staat is lief te hebben. Camus lijkt hier wel profetisch: ‘En doordat de wetteloosheid toeneemt, zal bij velen de liefde bekoelen’ (Mattheus 24:13).
Camus keert zich daarmee tegen ideologieën en religies, die de mens ondergeschikt maken aan ideeën. Hij keert zich in deze roman ook tegen het christelijk geloof, door te laten zien dat de acties van de kerk (gebedsbijeenkomsten, boetepreken) geen effect hebben op het verloop van de ziekte en evenmin op het denken en gedrag van de mensen.

Ontkenning
Wat me direct opviel, was de lange fase van ontkenning. Ratten sterven bij duizenden, maar niemand komt op het idee dat het de pest zou kunnen zijn. Ik trek een parallel met onze tijd: de financiële en economische crisis hebben alles te maken met het verdwijnen van de -christelijke- moraal, maar niemand durft dat hardop uit te spreken, ook christenen niet. De opwarming van de aarde en de verandering van het klimaat lijken steeds sterker het gevolg van menselijke activiteiten, maar niemand durft hardop te zeggen dat we schuldig zijn en ons van deze verwoestende levenswijze moeten bekeren, ook christenen niet, op een enkeling na. Het zou ons ook zwaar vallen, de economie van het genoeg, het vrijwillig inleveren van welvaart en tevreden zijn met minder dan we nu hebben.

Zondag 10
Uiteindelijk dringt de waarheid door in de stad: de pest is heer en meester, mensen sterven bij honderden. Hoe gaan de inwoners er mee om? Ze gaan er niet mee om, ze kunnen er niet mee omgaan, er is geen manier om met deze afschrikwekkende werkelijkheid om te gaan. Op dat punt heb ik het boek zorgvuldig gelezen. In feite is dat de boodschap van Camus: hou maar op, er is geen zin te ontdekken in het bestaan, het is in feite zinloos. De pest is geen middel in Gods hand om de mensen in het gareel te krijgen. Camus zal begrijpelijk de Heidelberger niet bijvallen. Maar doen wij dat tegenwoordig nog wel? ‘De almachtige en alom tegenwoordige kracht Gods , door welke Hij hemel en aarde, mitsgaders alle schepselen, gelijk als met zijn hand nog onderhoudt, en alzo regeert , dat …gezondheid en krankheid, rijkdom en armoede , en alle dingen, niet bij geval, maar van zijn vaderlijke hand ons toekomen.’ Gelovigen hebben daar vandaag de dag moeite mee. Dat heeft te maken met onze visie op de menselijke verantwoordelijkheid. De gevolgen van ons handelen zijn zo desastreus, onze inzichten in oorzaak en gevolg zo veranderd, dat we veel minder toedichten aan God.

Verlossing
De pest heet niet voor niets ‘de zwarte dood’. Ieder mens is als de dood voor de dood. In ‘De Pest’ komt de dood wel heel dichtbij. Camus creëert een situatie waarin ieder mens er mee geconfronteerd wordt. Ieder personage dat hij opvoert moet zich er mee verstaan. Camus moet niets hebben van de christelijke kijk op de dood. Ik citeer: ‘Heel lang geleden zagen christenen uit Abessinië in de pest een effectief door God gezonden middel om de eeuwigheid te verwerven. Degenen die niet aangestoken waren, wikkelden zich in lakens van pestlijders om zeker te zijn van hun dood. Dat al te verbeten zoeken naar het zielenheil is beslist niet aan te bevelen. Er spreekt een betreurenswaardige haast uit, die grenst aan hoogmoed. Het is niet goed om meer haast te hebben dan God, …’ Camus legt de priester Paneloux deze woorden in de mond. Paneloux probeert in een preek zijn gehoor te overtuigen van het feit dat er sprake is van een leven na dit leven. Voor christenen is de dood niet het einde, maar het begin. Camus laat in het vervolg van zijn roman deze opvatting voor wat hij is.

Opties
Ik trek opnieuw een parallel met deze tijd. Ieder is vrij om zijn mening te geven over de huidige crises. Maar het lijkt wel of je niet ‘overkomt’ als je er iets van zegt vanuit het christelijk geloof. Mensen hebben er geen oren naar. Ze lijken verslaafd aan het materiële en aan het gesloten perspectief. Alleen de tijd tussen wieg en graf doet er toe. Dat is om moedeloos van te worden.

Steekhoudend
Waarom zou ik het boek lezen en wat moet ik er daarna mee? In de eerste plaats is deze roman uit 1947 verrassend actueel. De analyse van de tijd en de cultuur hebben niet aan kracht ingeboet. Dat vind ik heel behulpzaam. In de tweede plaats helpt het om onze huidige tijd in verband te brengen met het Evangelie. Daar kan dus ook een niet-christelijke auteur een bijdrage aan leveren. Hij zegt de dingen in andere woorden dan het gebruikelijke christelijke jargon. Het boek daagt u uit stelling te nemen. Ik hoop dat u in uw gesprekken met andersdenkenden de ernstige thema’s niet schuwt. Heb het over de crises, heb het over de hebzucht en kortzichtigheid van de mens. Heb het over de valse hoop, die sommige schijnoplossingen bieden. Heb het over de moeite om geloof en leven in een tijd van crisis bij elkaar te houden. Maar heb het ook over de rust die het verstand te boven gaat. Dat is geen sluitend betoog, maar wel steekhoudend. Het kan niet zo zijn dat we als gelovigen er het zwijgen toe doen, als er mensen in nood zijn. Wat weerhoudt u om te zeggen dat het gedrag van mensen aan de top van banken en multinationale ondernemingen heel veel mensen in ellende stort? Wat weerhoudt u om te zeggen dat u als consument, als burger met een stem, weldegelijk invloed kunt hebben op wat anderen doen en laten? U hoeft niet alleen wat te zeggen als u zelf foutloos bent. Integendeel, als u inclusief spreekt, bent u authentieker. U kunt laten zien dat wat het Evangelie voorstaat in onze omgang met elkaar, met de schepping, met geld en goederen een helder richtsnoer is. We laten zien dat Gods perspectief verschil maakt in een leven waarin de hoop verkruimelt, omdat de mensen geen antwoorden meer hebben. We praten er niet alleen over, we leven er ook uit. Zo goed en zo kwaad als het gaat…

Advertenties

About this entry