column: Landgenoten!

Het is april. Dat betekent dus Koninginnedag, met die vermaledijde Oudhollandse spelletjes, dat betekent weer dat Trix en consorten hun ronde doen en dat we het volkslied zingen. En daar wil ik het eens even met u over hebben, over dat volkslied. Want dat deugt niet.

Maar eerst nog even over die ronde. Ik vind het helemaal niks, die prinsen, hun gemalinnen en verworven kroost, drentelend over de kinderkopjes van idyllische stadjes, koekhappend, zaklopend, glimlachend, quasigeïnteresseerd kijkend naar de zoveelste koppeltjeduikende of blokfluitspelende kleuter. Ze zijn niet fotogeniek, met hun Pruisische koppen, die koningslui van ons. Maxima kan er mee door. Dat is natuurlijk een wanhopig PR-offensief van onze Oranjes geweest. Maar de drie dochters: alweer van die Pruisenkopjes. Zit niks bij, jammer.

Dan nu ons volkslied, dat gedrocht! ‘Wilhelmus van Nassouwe.’ Het begint al goed. Nassau is een Duitse streek (letterlijk en figuurlijk). Luister maar verder: ‘Ben ick van Duytschen bloet.’ Het klopt natuurlijk wel: Emma: Duits, Hendrik: Duits, Bernhard: Duits, Claus: Duits. Dat ze Willem Alexander geen Wilhelm hebben genoemd mag een wonder heten. Maar we willen het gewoon niet weten. Dat wil je toch niet zingen als rechtgeaard Hollander? Ik zie het voor me, tijdens een interland: De ‘Manschaft’ speelt tegen ons team en ze horen het Nederlandse volkslied. Er ontstaat verwarring: over welk team zingen we nu? We geven bij voorbaat de zege al weg. Gewoon: ‘ben ik van Hollands bloed.’ Het hoeft niet waar te zijn, het moet wel waar klinken. Voetbal is oorlog en we hebben al een (paar) keer verloren…

Dan gaat het verder: ‘Den Vaderlant getrouwe blyf ick tot in den doot.’ Geloof me, dat is niet Nederlands. Wij gaan niet tot het gaatje. Eerder zingen we: ‘Den Vaderlant getrouwe, vooruit, als het dan moet.’

En dan: ‘Een Prince van Oraengien ben ick vrij onverveert.’ Tja, het schijnt dat de prins een optrekje had in Frankrijk, in Orange. Mooi stadje overigens. Maar wat moeten we nu weer met Frankrijk? Dat oranje, dat is natuurlijk prima! Dat heeft ons koningshuis qua PR heel goed begrepen. Oranje houden we er gewoon in. Maar ‘onverveert’, dat sloeg en slaat nergens op. ‘Wij houden van Oranje, de rest die is verkeerd.’ Kijk, dat geeft wat reuring en strijdlust.

‘Den Coninck van Hispaengien heb ick altijt gheeert.’ Die laatste zin is natuurlijk bloody nonsense! Wij hebben niks met Spanje. We hebben hooguit wat met de Sint. We gaan die Spaanse knoflookvreters toch niet kietelen? Dat moet er uit! Ik heb geen alternatief en dat hoeft ook niet. ik heb wel een beter idee: de volgende koninginnendag houden we een ‘Voice of Holland’. Die prinsen mogen wel eens wat doen voor hun toelage. We houden een contest: ze bedenken op de melodie van het Wilhelmus een nieuwe tekst en brengen die ten gehore. Orkestje erachter, Ernst Daniël Smit leutert de boel aan elkaar. De winnaar mag een jaartje lintjes doorknippen, de verliezer gaat in het schandblok. En wij nemen eieren mee… Doen we toch nog een Oudhollands spelletje!

Advertenties

About this entry