Jan Sluijters in het Singer

Vandaag bezocht ik de tentoonstelling over het werk van de schilder Jan Sluijters. Ik kende zijn werk nauwelijks, maar was zijn naam tegen gekomen in verband met Kees van Dongen, Piet Mondriaan, het fauvisme en vernieuwingen in de Nederlandse schilderkunst. Ik was aangenaam verrast door wat ik aantrof. Door Sluijters in zijn tijd te plaatsen kwam ik er achter hoe revolutionair hij moet zijn geweest. Zijn werk riep met regelmaat heftige emoties en afkeuring op. Ik kan het me nu moeilijk meer voorstellen. Uit zijn werk blijkt in de eerste plaats vakmanschap. Sluijters beheerst het gebruik van kleuren en contrasten. Ik ervaar zijn werk als indringend en levendig. Vaak zijn de onderwerpen en de poses die de personages innemen niet eens zo heftig, maar is de behandeling ervan zo zorgvuldig en gedurfd, dat het effect maximaal is. Aan zijn werk is te zien met wie hij op dat moment optrok en welk werk van andere schilders indruk op hem maakte. Niet dat hij kopieerde, maar hij verwerkte hun invloeden wel. In een vrouwenportret zie ik duidelijk de ogen van Van Dongen.

Ontwikkeling

De tentoonstelling is zo ingericht dat vrij eenvoudig de verschillende ontwikkelingen die Sluijters doormaakte te herkennen zijn. Het werk hangt grotendeels in chronologische volgorde, maar waar dat niet het geval is laat een doek zich gemakkelijk herleiden tot een bepaalde periode.

Kleuren

Wat het meest bijblijft is het feest van kleuren. Sluijters is een meester in kleuren. Soms spat het van het doek, soms duurt het even voor de nuances zich prijsgeven. Het gezicht van de jonge zigeunerin is een combinatie van de meest onwaarschijnlijke kleuren, maar het klopt wel.

Jan Sluijters in Laren


About this entry