Babettes gastmaal

Het succes van deze cultfilm kan ik niet goed verklaren. De film is in mijn ogen niet geweldig geregisseerd, er wordt wat houterig geacteerd, van interessante dialogen is geen sprake en de verhaallijn, tja. Toch heb ik de film meermalen bekeken en hij blijft me boeien. Al weet ik niet precies waar het in zit.

Hoogtepunt van de film is zonder meer het feestmaal zelf en de beelden die dit oplevert van de tafelgenoten. Naar mijn smaak wordt de keuken te weinig in beeld gebracht, maar dat heeft met mijn culinaire interesse te maken.

Het verhaal

Een voorganger van een kleine sekte in een armoedig dorpje aan de Deense kust heeft twee dochters. Ze blijven ongehuwd achter als hun vader overlijdt en hebben de leiding over de kleine geloofsgemeenschap. Sektarische trekken te over: superioriteitsgevoelens, de eigen kleine traditie verabsoluteren, denkbeelden van buitenaf doodzwijgen en negeren, elke verandering ontmoedigen en zichzelf als uitverkorenen beschouwen. Te pas en te onpas halen ze uitspraken aan van de overleden voorganger of een bijbeltekst. Ook hebben ze een smal repertoire aan gezangen. In alle geloofsuitingen klinkt een verlangen door naar de hemel waar het veel en veel beter zal zijn dan hier. Er is sprake van een sterk escapisme. Ondertussen zijn deze uitverkorenen verre van braaf: er blijkt sprake van verleiding en overspel, afgunst, roddel, achterklap, oneerlijke handel en afzetterij. Ze gunnen elkaar zo nu en dan het licht niet in de ogen. Blijkbaar hebben al deze ‘zonden’ geen invloed op hun vaste overtuiging dat God wel van hen houdt en een plekje voor hen in de hemel heeft. De geloofsovertuiging en het leven van alledag hebben geen verbinding met elkaar. De regisseur maakt dat duidelijk door in het ongewisse te laten wat de meeste geloofsgenoten doen of deden voor de kost. Er zijn vissers, voerlui, er is een kruidenier annex postbode, maar de gelovigen, die leven van de wind. De komst van een Franse vluchtelinge, die haar intrek neemt bij de beide domineesdochters brengt aanvankelijk weinig verandering teweeg. Als zij een loterij wint wil ze uit dankbaarheid voor het geboden onderdak een maaltijd voor de gelovigen aanrichten. De exotische ingrediënten (o.a. een schildpad) jaagt de gemeenschap de stuipen op het lijf. Er wordt gebeden om bewaring voor deze satanische bekoring. Maar ze komen niet op het idee om de maaltijd te boycotten: die is ter ere van de voorganger zaliger.

Beide dochters

Beide dochters worden het hof gemaakt. Een, Martina (genoemd naar Maarten Luther) door een militair die later een belangrijke positie zal innemen. Ook al huwt hij een ander, heimelijk blijft hij altijd bij zijn eerst liefde, die overigens nooit beantwoord werd. Daar zorgde vaderlief wel voor. De andere dochter, Philippa (genoemd naar Philip Melanchton) had een prachtige stem. Dat was een Parijse bariton, Achille Papin, die in het dorp verzeild was geraakt al opgevallen. Hij geeft haar lessen, wil haar introduceren in Parijs, ziet haar al triomferen. Hij heeft haar op dichterlijke wijze lief, maar ze wijst hem af. Zo blijven die twee ongehuwd. Ze houden zich bezig met het voeden van de behoeftigen en het leiden van de kleine kring van gelovigen. Het voedsel dat ze bereiden is armoedig en smakeloos. Het staat symbool voor hun leven. De Parijse vluchtlinge, Babette Hersan, komt via Achille Papin aan het adres van de zusters. Ze vlucht voor generaal Marquis de Galliffet, die de Parijse Commune weet te decimeren door massale executies. Babettes man en kind vonden er de dood. De film, gesitueerd rond 1871, heeft een historische context. De bloedige schermutselingen in Parijs vormen slechts een aanleiding en achtergrond en spelen verder geen rol.

Vluchtelinge

Babette houdt zich afzijdig, ze neemt niet deel aan de godsdienstoefeningen. Ze bedient de zusters en haar gasten, maar ook de behoeftigen profiteren van haar kookkunst.

Genereus

Als zij door een winnend lot het fabelachtige bedrag van 10.000 Franse Francs wint denken de zusters dat ze terug zal keren naar Frankrijk. Ze zijn ronduit verbijsterd als ze horen dat Babette het hele bedrag gespendeerd heeft aan het feestmaal. Door deze daad houdt ze de geloofsgemeenschap een spiegel voor: deze gelovigen wanen zich rijk en bevoorrecht maar zien geen kans om zo genereus te zijn. Ze gedragen zich afgunstig jegens elkaar. Mensen buiten de geloofsgemeenschap lijken zelfs niet te bestaan.

Johannes

“Als iemand zegt: ‘Ik heb God lief,’ maar hij haat zijn broeder of zuster, is hij een leugenaar”, zegt de apostel. Babette heeft alle reden om de zusters dankbaar te zijn. Maar niets verplicht haar om de overige gelovigen ‘lief te hebben’. In haar daad van onbaatzuchtigheid en vrijgevigheid laat ze zien wie de ware gelovige is.

Ramen

Tot drie maal toe verschijnt er een raam in beeld. De eerste keer lapt Babette (vrij kort na haar aankomst) de ramen. Daardoor ontstaat weer helder zicht. Haar komst is daar de oorzaak van, letterlijk en figuurlijk. De tweede maal zien we een venster in de regen terwijl de geloofsgemeenschap in onmin bijeen is: de ramen huilen met de hemel mee. De derde maal zien we door het raam een kaars die wordt gedoofd, terwijl buiten de sneeuw valt.

De rol van de buitenstaander

Babette is en blijft de buitenstaander. Ze is Française, ze is zeer waarschijnlijk katholiek, ze doet mee aan een loterij, ze houdt van lekker eten, ze weet ondanks alles te genieten. In die rol is ze in staat om een verandering tot stand te brengen. Niet door het hoofd, niet door muziek of literatuur, niet door woorden. Ze gebruikt het instrument dat ze het best beheerst: haar kookkunst. De geloofsgemeenschap vermoedt dat ook, ze zullen met geen woord reppen over wat ze voorgeschoteld krijgen. Maar uiteindelijk zingen en dansen ze als ze na afloop naar huis gaan. Er is iets veranderd.


Advertisements

About this entry