Heilige familie

Gisteren, in het Centraal Museum in Utrecht, liep ik langs een schilderij van Jan Knap. “Gezin / family”, zo heet het. Een jongetje speelt viool, zijn ouders luisteren naar zijn verrichtingen. Aan hun gezichtsuitdrukking te zien valt het nog niet mee, zou je kunnen concluderen. De stijl van schilderen is typerend voor Knap: hij trekt zich weinig aan van perspectief. Hier werkt hij zijn figuren ook minder goed uit dan in ander werk. Het is dat de figuren voorzien zijn van een aureool, anders was niet duidelijk dat het hier gaat om de heilige familie. Maria in het blauw, uiteraard. Jozef, op ander werk echt een timmerman, hier niet als zodanig herkenbaar. Jezus met een aureool en drie stralen, teken van goddelijkheid. De kleurencompositie is prachtig, in balans. De symboliek is hier en daar overduidelijk, op andere plekken subtiel. Zie je het raam, links op het doek? De spijlen vormen een kruis, het gordijn is paars. Een verwijzing naar de dood die Jezus zal sterven. Hoe typeer ik de blikken van Jozef en Maria? Nadenkend, afwezig. Met de planten in het raam kozijn kan ik (nog) niets, evenmin met de twee kersen op tafel. Het schilderijtje aan de muur is vast een kindertekening van Jezus, een ridder te paard, met een kasteel en een bos.

Er is (nog) niets aan de hand. Het leven gaat zijn gangetje. Er steekt verwachting in dit schilderij. Die moet de toeschouwer zelf wakker kijken. Heb je niets met het ‘verhaal’ dan zie je niets. De aureolen laten zich niet over het hoofd zien. Je zal en je moet interpreteren. In de boekenkast tel ik 22 of 23 boeken. Het Nieuwe Testament heeft 22 documenten… En ik zie vast nog veel over het hoofd. Ik heb dan ook maar een kwartier zitten kijken.

Advertisements

About this entry