Kees van Dongen

Met mijn lief ben ik naar de tentoonstelling over het werk van Kees van Dongen (Boijmans) geweest. Dat is beslist de moeite waard! ik kende wel werk van Van Dongen, maar hij heeft geen plek in mijn ‘systeem’ ingenomen, zoals Van Gogh, Kandinski, Nolte, Kokoschka en anderen. Waar dat door komt? Daar ben ik op de tentoonstelling wel wat meer achter gekomen, denk ik.

Waar hoort Van Dongen thuis?

Zowel Emil Nolte als Kees van Dongen zijn -korte tijd- lid geweest van Die Brücke. Die Brücke heeft zelf maar kort bestaan, maar beiden hebben zich er van gedistantieerd. Van Dongen was een ‘vreemdeling’ in Parijs. Dat gaf hem het voordeel dat hij dan ook anders kon schilderen. In zijn werk zijn sporen te zien van het fauvisme. Ik zie de kenmerken terug: felle kleuren (vaak onvermengd), ruwe penseelvoering, vereenvoudigde vormen, en gedurfde vertekeningen. Ook de abrupte schaduwwerking is kenmerkend voor heel wat doeken van Van Dongen. Hij wilde tot geen enkel -isme gerekend worden en verliet deze stroming weer. Naast het fauvisme is van Dongen ook sterk beïnvloed door Vincent van Gogh. Ik heb een paar doeken zien hangen die ik met gemak aan Van Gogh zou hebben kunnen toeschrijven. Ik denk dat dat wel kenmerkend is voor Van Dongen: hij laat zich sterk beïnvloeden door bepaalde stromingen en schilders, verwerkt hun stijl in zijn eigen stijl die zich door ontwikkelt en gaat vervolgens zijn eigen weg. In eerste instantie vond ik dat jammer. Heeft hij niet genoeg in huis om een eigen stijl te ontwikkelen, die zich onderscheidt van ieder ander? Heeft hij het nodig om leentjebuur te spelen? Aan de andere kant: is Van Dongen niet herkenbaar genoeg? Dat zou ik ook niet willen beweren. En moet elke schilder een vernieuwer zijn en baanbrekend school maken? Of moet elke schilder in een school of stroming passen? Nolte laat zich niet onderbrengen, Van Dongen evenmin.

Politiek tekenaar

In zijn begintijd is van Dongen bekend van zijn tekeningen. Hij legt het gewone Rotterdamse volk vast en is daar trots op. Zijn werk is ook voor het volk. Het wordt afgedrukt in kranten. Het medium begrenst zijn artisticiteit. Hij wil verder en dat opent de weg naar Parijs. Dan gaat het hard: Van Dongen sluit heel goed aan bij de trends van die tijd en hij wordt een beroemd schilder. Het verandert hem: hij betrekt dure panden, geeft feesten waarop de jetset komt en ontvangt van zijn welgestelde gasten opdrachten hen te vereeuwigen. Hij geniet van zijn roem en zijn  status. Verlaat hij daarmee zijn oorspronkelijke politieke standpunten? Ik weet het niet. Ik vermoed van wel. Van Dongen had niet de aspiratie de wereld te verbeteren of door zijn werk maatschappelijke processen op gang te brengen. Wel is hij een uitstekende  spiegel van zijn tijd.

Anita Hopmans heeft als gastconservator een prachtige tentoonstelling gemaakt. Ik vind het een gouden greep om de werken in antichronologische volgorde te tonen. De begeleidende informatie is beknopt en to the point. Voor mij voldoende: de werken spreken voor zichzelf.


About this entry