De afschuwelijke eenzaamheid van Maxwell Sim – Jonathan Coe

Leesverslag

Coe is een onderhoudend schrijver die zijn lezer telkens opnieuw weet te boeien door een serie korte sprintjes te trekken. Zo is deze vertelling over Maxwell Sim een aaneenschakeling van gebeurtenissen uit zijn leven met daarin verweven hoe Sim wat er gebeurt ervaart. De titel doet het ergste vrezen en de schrijver maakt het helemaal waar.

De inhoud in het kort

Maxwell Sim heeft een depressie nadat zijn vrouw en dochter bij hem zijn weggegaan. Hij is after sales manager bij een groot en bekend warenhuis maar werkt niet op dit moment. Tijdens zijn ziekte is hij op bezoek in Australië bij zijn vader. Zijn verblijf daar zit er bijna op.

Identificatie?

In het begin – ik ben een welwillende lezer – indentificeer ik me met de hoofdpersoon in de roman, die in de ikvorm is geschreven. Maar ik houd het niet lang vol. Maxwells blik op de wereld, zijn tekortschietende zelfreflectie, zijn naïeve fantasieën, ik maak het niet mee. Toch maakt de schrijver een punt: er zijn zoveel mensen die er zielsgraag ‘bij’ willen horen. Op vrijwel elke bladzijde proef je het verlangen van de man om werkelijk contact te hebben met de mensen om hem heen. Telkens mislukt het en elke keer opnieuw is hij diep teleurgesteld. Zijn huwelijk is op de klippen gelopen, zijn vader geëmigreerd (maar tijdens een bezoek is er geen wezenlijk contact), in het vliegtuig praat hij met een medepassagier die tijdens het gesprek overlijdt, en Maxwell merkt het niet!  Hij heeft een depressie en er dreigt ontslag voor hem als after sales manager bij een groot Londens warenhuis, hij heeft het niet goed door. Hij stort zich in een hachelijk commercieel avontuur, hij overziet het niet. Het treurige leven van de man wordt in het verloop van de roman alleen maar ellendiger.

Nuttig

Wat heeft het voor zin om kennis te nemen van deze vertelling? Coe schetst een beeld van de mensen van vandaag. In de beschrijving van het doen en laten en van zijn (gebrek aan) reflectie van de hoofdpersoon is veel herkenbaars. Een paar citaten maken dat duidelijk.

Vlak voor zijn huwelijk eindigt zegt Caroline, de vrouw van Maxwell op de vraag of hij haar nog aardig vindt: “Hoe kun je iemand aardig vinden die zichzelf niet aardig vindt?” Maxwell reageert (naar de lezer en zichzelf): Tja, als ze in raadsels ging praten, kwamen we nooit ergens.

“Het voelde weldadig aan om weer ergens bij te horen: bij een landelijk proces, bij een gemeenschap – de zakenwereld – die dag in, dag uit deed wat er gedaan moest worden om Engeland draaiende te houden. we hadden allemaal een rol. Iedereen hier (in een wegrestaurant) was betrokken bij het verkopen of kopen van iets, het onderhouden, controleren, berekenen of tellen van iets. ik had weer aansluiting, ging weer op in de massa.” Tja, als dat je al gelukkig maakt…

Maxwell Sim is een uitvergroting van de mens die hunkert naar samenhang, naar zin, naar perspectief. Maar het is er niet, sterker, het wordt meer en meer afgebroken. En natuurlijk geeft Sim niet toe: wie geeft er nu ruiterlijk toe dat zijn leven een puinhoop en een mislukking is? Opmerkelijk is de afwezigheid van een extra dimensie. Er is geen sprake van een lot, van een hoger iets of iemand. Heel af en toe duikt God even op, maar hij speelt geen rol. Dat maakt de roman nog benauwender, maar ook waardevoller als beeld van de tijd en de mensen van vandaag. Tevens geeft het de ontoereikendheid aan van snelle geestelijke antwoorden. De crisis zit veel dieper: deze man is een product van een culturele omwenteling, waarin geloof en waarden en normen plaats maakten voor geld en winst en rendement. Maar mensen laten zich niet zomaar in dat nieuwe onmenselijke en ontmenselijkende systeem persen. Ze worden er ziek en ongelukkig van.

Zinvraag

Pas tijdens zijn reis naar het noorden van Groot-Brittannië – we zijn al bijna op de helft van de roman – vraagt Sim zich af wat de zin van het bestaan is. Er is al veel eerder reden tot deze vraag maar voor die tijd heeft Sim meer last van eenzaamheid. Voor een deel creëert hij die zelf door zijn buitengewone onhandigheid in het sociale verkeer. Maar voor een deel is het ook het gevolg van de wijze waarop wij onze samenleving inrichten.

Coe onthoudt zich van commentaar: hij is schrijver. Aan de lezer om conclusies te trekken. Is wat Sim overkomt zijn eigen ‘schuld’, overkomt hem dit? Is zijn verlangen naar echt contact en intimiteit overtrokken? Of is dit wat de Westerse samenleving uiteindelijk oplevert? Alle hoop die Sim koestert is vals en op niets concreets gebaseerd. Hij voert gesprekken met de vrouwenstem van zijn navigatiesysteem en fantaseert daar een vrouw met eigenschappen bij: het toppunt van eenzaamheid. En in die eenzaamheid brokkelt Sims mentale vermogen langzaam af.

Troost in nabijheid

Moeder Teresa opperde dat het grote probleem van deze wereld niet de armoede was. Dat is opmerkelijk voor een vrouw die zich het lot aantrok van de meest berooide mensen die je je kunt voorstellen. Ze raapte letterlijk de zieke daklozen van de Indiase straten, trachtte hen met haar medezusters genezing te bieden of op zijn minst een enigszins barmhartig einde. “Het grootste probleem is eenzaamheid. Bij ons (in India) sterven mensen arm, maar nooit alleen.” Er is kritiek op haar en haar werk geweest. Maar nooit heeft iemand haar statement kunnen ontkennen. (The body of a pensioner may have lain undiscovered for five years in a city centre flat, it was revealed today. (3 juli 2009)). Wij, in het Westen worden met grote regelmaat geconfronteerd met berichten van mensen die na maanden, jaren soms, dood in hun woning worden aangetroffen. Niemand heeft hen gemist. Sim voelt zich deel van een ‘gemeenschap’ als hij aan het werk is, hoewel hij de doelloosheid en zinloosheid ervan niet ontkent. Hij heeft geen alternatief.

Verrassend slot

Coe geeft zijn roman een verrassend slot. Eigenlijk moet ik zeggen: meer dan één verrassend slot. Maar geen van allen vind ik overtuigend. Beter had de roman in misère kunnen eindigen, dat had meer recht gedaan aan de inhoud en het verloop van het verhaal.

Stof tot nadenken

Ondertussen blijf ik nadenken over de vraag of er een remedie is tegen de toenemende isolatie van het indivdu en de daarmee gepaard gaande vereenzaming.


About this entry