Met een goede vriend eten en praten in Sparkling

Het is vrijdagavond 21 mei. Ik stap op mijn fiets en rij naar Utrecht. Een strakblauwe lucht, helder licht, een flauwe bries. Bij De Bilt skaters op de parallelweg. (la terre comence au Le Bilt, Napoleon zei het al). De stad maakt zich op voor een bruisende avond. Op de Biltstraat is het al druk. De terrassen puilen uit bij de Wittenvrouwenbrug, de eethuisjes aan de Voorstraat zijn allemaal druk bezocht. Een goede vriend van mij heeft (op mijn advies) gereserveerd bij Sparkling, Voorstraat 29. Ik ben wat vroeg en rijd door naar het Neude. Het festival aan de werf is losgebarsten, het Neude is verbouwd tot podiumplek. Boven de tribune rijst een megabord uit: MAKE NO LITTLE PLANS. Die leg ik even vast, prachtig. Ook hier veel mensen. Ze eten wat, ze drinken, lachende gezichten. Utrecht, een heerlijke stad.

Ik ga vast naar binnen, mijn vriend smste ‘almost there’. We hebben elkaar een poos  niet gezien. Zo’n vijf jaar werkten we intensief samen als collega’s. Hij ging wat anders doen. Er is heel wat bij te praten over werk, gezin, over gezamenlijke interesses. We delen dezelfde passie, we doen het beiden nu op andere plekken. Ik ben een stuk ouder en heb meer ervaring. Hij is jonger, scherper, briljant. Ik geef een gastcollege op de opleiding waar hij vast docent en mentor is.  Beiden zijn we onder de indruk van dezelfde studente. Ze is niet alleen heel slim, ze mag er ook zijn en schenkt je graag aandacht. We lachen en begrijpen elkaar. De bites zijn geweldig: hij heeft gefrituurde spiering, ik sukadekroketjes. De eerste fles is al leeg, een tweede gaat open. Het voorgerecht arriveert: coquilles-saint-jacques, een zalmtaartje, Hollandse garnaaltjes. Het zilte steekt mooi af tegen de zoete asperge. De wijn is een prachtige, bijna paarse Italiaan, een Brecciarolo Rosso Piceno, uit de Marche, 2006. Hij (of toch zij?) heeft wat tijd nodig om zich prijs te geven, maar eenmaal tot ontplooiing gekomen is het een feest om te drinken.

Hij was laatst in Bordeaux. Een eerder verblijf in Frankrijk had hem een kater bezorgd, maar hij was nu helemaal om, onder andere door een prachtig stuk Roquefort. De liefde van een man gaat inderdaad door de maag. Hij was in Beiroet, ik in de vorige eeuw. Er is veel veranderd, andere mensen, andere perspectieven.

De opleiding waar hij nu van in de staf zit is op de schop gegooid. Zijn vrouw en hij hebben een nieuw curriculum geschreven en met verve gepresenteerd. Dat is hem toevertrouwd. Hij weet een visie zo helder en aanstekelijk te verwoorden dat je direct enthousiast wordt. Wat me ontroerde was dit: in 2005, hij was net mijn collega, nam ik hem mee naar Londen. Daar ondergingen we beiden een intensieve training (Toolbox, LICC) die ons een geheel nieuw perspectief bood. Ik zat al even op dat spoor, maar het werd me nu als een completer beeld aangereikt. We hadden beiden ‘het licht gezien’ en keerden huiswaarts. We zouden iedereen ‘duidelijk maken dat het van nu af aan anders zou gaan’. Dat is niet gelukt. Het was een van de redenen voor hem om ergens anders te gaan werken en voor mij om deels voor mij zelf te beginnen. Als je persoonlijke visie niet gedeeld wordt door je collega’s en je directie is het goed om daar consequenties aan te verbinden. Maar wat nu bijzonder is: het verhaal uit Londen keert terug in het curriculum van de opleiding. En waar wij het aanvankelijk hadden gepland komt het vooralsnog niet van de grond. Mooi is het dat het op andere plekken wel wortel kan schieten. Het heeft mij geleerd om een breder perspectief te ontwikkelen. Wat me ook bijzonder bevalt, ik zeg het maar eerlijk, dat ik er erkenning in ervaar. Het deugt dus toch! Ik ervaar met hem, een bijzonder goede vriend, in zekere zin ex-collega -maar we hebben toch weer met elkaar te maken- een diepe verwantschap. En ik ontwaar in hem kwaliteiten die ik ontbeer. Ik bewonder hem erom. Ik ga nog veel van hem horen, hij is tot groter dingen in staat. We hebben het hoofdgerecht ondanks het intense gesprek alle eer aan gedaan. Ossenhaas zoals het bedoeld is, full stop! Een crème brulée, een stevige espresso, af. Sparkling mag blijven, prima restaurant!

Hij ging richting station, ik zocht mijn fiets op. Ik dacht nog even aan ‘Make no little plans’. Beiden hebben we een zelfde DISC-profiel, heel hoge I, stevige D, beiden dus inspirators. Dat gaan we beiden verder uitbuiten, ieder op z’n plek. Elkaar regelmatig tegenkomen en passeren, met een brede grijns. En een diep voldaan gevoel. We zijn niet voor gerommel in de marge…

‘Make no little plans. They have no magic to stir men’s blood and probably themselves will not be realized. Make big plans; aim high in hope and work, remembering that a noble, logical diagram once recorded will never die, but long after we are gone will be a living thing, asserting itself with ever-growing insistency. Remember that our sons and grandsons are going to do things that would stagger us. Let your watchword be order and your beacon beauty. Think big.’ Daniël Burnham (1846-1912)

Advertenties

About this entry