De Onthaasting

S, E, M en ik hadden een werklunch afgesproken bij De Onthaasting in Amersfoort. Het is een lunchroom waarin het personeel bestaat uit mensen met een verstandelijke beperking. Dat veroorzaakt een sfeer waardoor de lunchroom zijn naam waarmaakt. M had gebeld dat zijn trein wel twintig minuten vertraging had, dus bestelden wij alvast. Een jongeman kwam naar ons toe.
-Wilt u iets drinken? Dat wilden we wel. Maar we wilden ook iets eten. Zijn gezicht ging zorgelijk staan. Waren we te laat voor een lunch? Nee, dat kon het niet zijn. Moesten we aan een andere tafel gaan zitten? Ook niet. Hij rechtte zijn rug, hief het hoofd, stak zijn kin vooruit: -Dan moet ik de kaart halen! Hij beende weg en kwam terug met drie menukaarten. Op het schoolbord las ik dat de soep van de dag een romige vissoep was. Die wilden we alle drie wel. S en E wilden daarnaast nog broodjes. De jongeman kwam terug. Of we wilden bestellen. Ja, de vissoep graag. Vissoep? Opnieuw die zorgelijke blik. Was de vissoep op? Nee. Maar het stond niet op de menukaart, maar op het schoolbord. Hij begon te schrijven, een vissoep. En de rest? Ook een vissoep. -En jij? Ook een vissoep. Hij draaide zich om en was al bijna weer weg. We wilden nog meer bestellen. Zijn gezicht was een en al verbazing. Maar goed, als we dat wilden… Een thee graag. -En jij, wat wil jij drinken? Ik wil een broodje kaas. Zonder commentaar werd het opgeschreven. En weer wilde hij weglopen. E wilde nog een broodje brie. Vooruit dan maar. Eindelijk kon ie weg. Even later kwam hij met servetten en bestek, drie lepels, een mes en een vork. E: mag ik ook een mes en vork? -Waarom? – Voor mijn broodje. Weg was ie weer. Even later kwam hij toch nog een mes en vork brengen. Vrij snel kwam de soep. Althans, er kwam en groot plat bord met daarop twee schijven stokbrood en een soepbord. In het soepbord lagen stukken warm gerookte zalm, Hollandse garnalen, dille en peterselie. -Alsjeblieft en alsjeblieft en alsjeblieft! De soep. Zonder verder commentaar draaide de bediening zich om en liep weg. Uiteraard om terug te keren met de rest van de soep. In een stalen koffiekan zat het vloeibare deel van de soep. Met uiterste precisie werd de romige soep over de vis gegoten. Dat was handig en met veel effect opgediend. Geen gevaarlijk gemanoeuvreer met volle borden, maar een veilige oplossing om soep op te dienen. Direct werd ook het brood geserveerd, de tafel was overvol.

We wilden aan de soep beginnen toen M binnenkwam. Hij aarzelde geen moment, voor hem ook soep! En brood. Een ander kwam aan onze tafel: of we al besteld hadden. Dat was warempel wel te zien. Ja, dat wist hij ook, maar hij wilde de menukaarten. Natuurlijk. Tot besluit van de maaltijd wilden we een cappuccino. Ober nummer drie kwam naar onze tafel. -Wil je wat drinken? Graag. -Wat dan? Cappuccino. -Hier, schrijf dat zelf maar even op. Zo gaat dat in De Onthaasting. Het is er altijd druk en iedereen heeft het er naar zijn zin. Ik word er tenminste vrolijk. Ik kom er eigenlijk veel te weinig…

O ja, bij de kassa staat de ‘fooiepot’. Goed bekeken.

http://www.terminusdeonthaasting.nl/1/home/


About this entry